Een trailloop goed voorbereiden

(5)

Omdat de aard van het terrein steeds verschilt, vraagt een trail om een specifieke voorbereiding. Een aantal fundamentele principes in verband met de training en het materiaal moeten echter steeds worden nageleefd.

Al te vaak stellen traillopers zich ermee tevreden om lange stukken te lopen op een parcours dat ze al oneindig keer hebben herhaald. Het is natuurlijk geruststellend om op bekend terrein te zijn, het voelt comfortabel om hier te trainen. Maar het is niet de beste manier om vorderingen te maken en zich voor te bereiden op de komende krachtproef.

De voorbereiding voor een trailloop moet, voor een goed evenwicht, altijd onderdelen van de klassieke running bevatten. Je moet natuurlijk lange stukken lopen om je uithoudingsvermogen te ontwikkelen, maar daarnaast moet je ook meer rond kwaliteit werken en dat doe je voornamelijk door intervaltrainingen in je weekschema in te plannen.

 

Lange sessies

Leren volhouden! Dat is natuurlijk het allerbelangrijkste voor traillopers van elk niveau. De training heeft nog meer effect wanneer je in de natuur kunt lopen. Behendigheid, gecontroleerd risico's nemen, stabiliteit bij de afzet zijn allemaal elementen die je ontwikkelt ver van asfalt of gebaande wegen.

De eerste bedoeling van de lange loopsessies blijft echter om het uithoudingsvermogen te verbeteren. Het heeft geen zin om te proberen snel te lopen of om voortdurend van snelheid te veranderen. Als je loopt aan het tempo dat je jezelf hebt opgelegd, moet je nog in staat zijn om een gesprek te voeren en in alle omstandigheden perfect helder kunnen denken.

Vergeet niet dat bij trails vaak een heel langdurige inspanning wordt gevraagd. Langer dan drie uur. Soms zelfs zes tot acht uur. Je moet je lichaam er dus aan wennen om langzaam uit zijn reserves te putten. Je moet ook leren regelmatig en verstandig te eten en te drinken om een plotse hongeraanval of een beginnend vochttekort te vermijden, want die kunnen vervelende gevolgen hebben. Een goede trailloper is in de eerste plaats een loper die zijn lichaam niet in gevaar brengt.

 

Intervaltraining

De training voor een trailloop lijkt in dit opzicht op die van een marathonloper of van lopers die op asfalt lopen. Met de sessies wordt gestreefd naar een verbetering van de MAS, dat wil zeggen de snelheid waarbij het zuurstofverbruik maximaal is.

Net als bij de langere loopsessies train je ook hier bij voorkeur in de natuur. En dan vooral op oneffen terrein. Kies een helling van ongeveer 300 m en wissel de intensiteit van de inspanning af: sterke inspanning bij het stijgen, minder vermoeiend bij afdalingen. Dit heeft verschillende bedoelingen: niet alleen hart en bloedvaten sterker maken, maar ook de houding en looptechniek verbeteren. Tot slot kun je op de stukken naar beneden, zo belangrijk voor traillopers, werken aan je controle van richting en snelheid, ook al loop je die stukken langzaam.

 

Drempeltraining

Nog een andere trainingstechniek die beslist aan te raden is: een drempeltraining is bedoeld om het lichaam te wennen aan een matige tot stevige inspanning (op ongeveer 80 tot 90% van de maximale hartslag).

Net als bij de training op een helling mag je nooit vergeten voldoende op te warmen. Loop tussen de tien en de twintig minuten - met daartussen periodes waarin je recupereert door te lopen aan een tempo dat maar half zo snel is. Vertraag of stop met deze training als je je er niet goed bij voelt.

 

Succes met de training!

 

 

  • 1
  • 2
  • 3
  • 4
  • 5
Score geven
NAAR BOVEN